MaicoFrissen3

In gesprek met Maico: Van fitter tot werkvoorbereider bij Hanab

Hij woont in het Zuiden, is fanatiek supporter van Fortuna Sittard en werd een halfjaar geleden vader van zoon Lio. Maico Frissen (34) wist vanaf jonge leeftijd dat hij de techniek in wilde, was altijd bezig met zijn handen en ‘leende’ daarbij materiaal uit de schuur van zijn vader. In 2022 komt hij bij Hanab terecht als pijpfitter. Zijn lijf dwingt hem echter tot een andere keuze. Daarom laat hij zich omscholen tot werkvoorbereider. ‘Vroeger hadden wij een ruime schuur’, start Maico. ‘Achterin lag allerlei gereedschap en materiaal van mijn vader: hout, schroeven, nagels, beitels, zagen en hamers. Mijn vader was geregeld van alles kwijt. En ik had het niet (lacht). Wat ik ermee deed? Gewoon, bouwen. Ik schroefde en timmerde van alles in elkaar. Het leek nergens op, maar ik vond het heerlijk om te doen.’

MaicoFrissen2

Dol op metaal
Na de basisschool gaat Maico naar de lagere technische school (lts). ‘Ik had aanvankelijk moeite met regels en structuur. Daardoor wisselde ik een keer van opleiding. Ik hield altijd al van hout, maar de geur van metaal deed iets extra’s met me. Ik wilde er direct mee aan de slag en leerde onder meer lassen.’ 

Op zijn achttiende start Maico bij zijn eerste werkgever. ‘Tegelijkertijd volgde ik een aanvullende opleiding Industrieel Pijpbewerken.’ Hij wordt fitter en er volgen meer werkgevers in de metaalindustrie. In 2022 komt hij als pijpfitter binnen bij Hanab. ‘Een pijpfitter legt leidingwerken aan. Ondergronds – bijvoorbeeld gas- of waterleidingen – of bovengronds als onderdeel van een fabriek. Je zaagt leidingen op maat, buigt ze in de juiste hoek en zorgt ervoor dat alles perfect op elkaar aansluit, voordat de lassers ter plaatse komen. Ik vond mijn werk altijd leuk en uitdagend: geen klus is hetzelfde. Maar fysiek was het zwaar. Je draagt altijd beschermende kleding. Daardoor heb je het in de winter vaak koud en in de zomer bloedheet. Daarbij moet je je lijf in lastige hoeken wringen om ergens goed bij te kunnen.’

Omscholen tot werkvoorbereider
Wanneer Maico’s leidinggevende hem voorstelt om zich te laten omscholen tot werkvoorbereider, hoeft hij daar – vanwege zijn fysieke klachten - dan ook niet lang over na te denken. ‘Ik startte met een basiscursus tot werkvoorbereider en ging vervolgens in de praktijk aan de slag onder supervisie van een ervaren projectleider. Wat ik zoal doe? Ik bereid technische projecten voor en zorg ervoor dat het werk op de bouwplaats efficiënt en volgens plan kan starten en/of doorgaan. Ik bespreek opdrachten met klanten, regel materiaal en medewerkers, vraag vergunningen aan en zorg ervoor dat de benodigde keuringen op tijd uitgevoerd worden. 

Als fitter kreeg ik altijd een mapje van een werkvoorbereider met daarin mijn opdracht. Nu ben ik degene die de mapjes maakt. Mijn uitdaging hierbij? De opdracht zo opschrijven dat de ander het begrijpt. Ik ben vaak geneigd om een opdracht op te schrijven zoals ik ‘m zou uitvoeren. Maar met mijn mapjes moet een leek aan de slag kunnen. Ik stel dan ook veel vragen aan mijn collega’s op kantoor. Welke basisinformatie moet er in een briefing staan? Daarnaast bevraag ik mijn collega’s uit de buitendienst. Wat heb jij van mij nodig om jouw opdracht goed uit te kunnen voeren? Wanneer je mapjes zonder vragen terugkomen, ben je een goede werkvoorbereider. Of mij dat altijd lukt? Nog niet, maar ik werk er hard aan.’

MaicoFrissen1

Genieten van kantoorwerk
Op dit moment werkt Maico – als junior werkvoorbereider – aan diverse, kleinere klussen. ‘De vervanging van een putdekseltje bijvoorbeeld. Aan de rand van Chemelot (een industrieterrein tussen Stein en Geleen) is momenteel zo’n dekseltje defect. Ik bekijk de situatie, maak foto’s, bestel een nieuw onderdeel, vraag een vergunning aan voor de werkzaamheden en zorg ervoor dat de jongens die het werk uitvoeren goed geïnstrueerd worden.’ 

Afgelopen jaar viel Maico nog even in als fitter. ‘Heerlijk om weer buiten aan de slag te zijn. Maar dat lijf, hè. Als je me voorheen verteld had dat ik nu hele dagen op kantoor zou doorbrengen, had ik je voor gek verklaard. Nu geniet ik ervan. Het is een uitdaging voor me om de opdrachten voor de jongens buiten zo goed mogelijk voor te bereiden. En dat betekent dat mijn hoofd nog wel eens maalt na werktijd. Kloppen alle details? Ben ik niets vergeten? Het werk is nooit klaar. 

Gelukkig word ik goed begeleid. Én krijg ik de kans om te leren. Door opleidingen én in kennissessies. Vooral die kennissessies, waarin oudere, meer ervaren collega’s hun vakkennis delen, zijn voor mij als werkvoorbereider heel waardevol. Je moet namelijk van alles een beetje kennis hebben om een klus goed te kunnen voorbereiden.’

Kneepjes van het vak
Of Maico anderen een overstap naar kantoor zou aanraden? Zeker. Als je kunt en wilt doorgroeien in dit vakgebied, moet je ervoor gaan. En niet alleen de opleidingsmogelijkheden zijn hier goed. Ook met je werk-privébalans wordt rekening gehouden. Ik heb net een kleintje. Dan loopt het thuis wel eens anders dan verwacht. Er is hier alle begrip als ik een keer eerder weg moet of iets later binnenkom. Op mijn beurt werk ik ’s avonds nog wel eens wat mails weg, zonder daar overuren voor te schrijven. Natuurlijk worden er wel eens grappen gemaakt over de zorgzame vaders van tegenwoordig; ik werk nu eenmaal in een mannencultuur. Maar ik heb daar geen last van. En anders hebben we een keer woorden en is de lucht daarna geklaard.’

Hoe Maico zichzelf over vijf jaar ziet? ‘Als een hele goede werkvoorbereider die op zijn beurt weer anderen opleidt en hen de kneepjes van het vak leert.’